Kwaliteit zónder bureaucratische last. Te mooi om waar te zijn?

Het klinkt te mooi om waar te zijn: de bureaucratische last in het onderwijs verminderen en tegelijkertijd de kwaliteit verhogen. Toch is het ons gelukt. Door de onderwijsprocessen onder de loep te nemen en anders in te richten.

Het thema bureaucratie is een terugkerend gespreksonderwerp bij bestuurders, directeuren en andere direct betrokkenen. De afgelopen jaren is de bureaucratische last in het onderwijs aanzienlijk toegenomen. Hierbij doel ik op de uitdijende hoeveelheid toets- en kwaliteitsinstrumenten, leerlingvolgsystemen, verantwoordingsdocumenten, gespreksverslagen, beleidsnotities, managementrapportages en vele andere administratieve lasten.
 

Meer bureaucratisch gedrag

Deze toename is in de eerste plaats toe te schrijven aan de besturen van de onderwijsinstellingen. Zij kregen vanuit de overheid meer verantwoordelijkheid en ruimte in de besluitvorming. Daardoor is de behoefte aan interne informatie navenant toegenomen. Dit had tot gevolg dat er allerlei administratieve (kwaliteits-)processen geïnitieerd zijn op scholen.

In de tweede plaats richt de onderwijsinspectie zich sinds 2017 als extern toezichthouder primair op schoolbesturen. Zij zijn het eerste aanspreekpunt voor de onderwijsinspectie en eindverantwoordelijke voor goede onderwijskwaliteit op de scholen. Besturen moeten zich verantwoorden over de onderwijskwaliteit en tuigen een uitgebreid instrumentarium  op voor kwaliteitszorg, gesprekscycli en administratieve processen. De deregulering van de overheid naar de besturen lijkt dit proces te hebben verstrekt, met als gevolg meer bureaucratisch gedrag vanuit het bestuur.
 

Deregulering

Drie jaar geleden had ik een gesprek met Monique Vogelzang. Zij is inspecteur-generaal bij de onderwijsinspectie op het ministerie van OC&W. We spraken o.a. over de bureaucratie in het onderwijs en de rol van schoolbesturen. Zij gaf aan dat met de invoering van het nieuwe onderzoekskader (augustus 2017) van de onderwijsinspectie besturen meer ruimte hebben gekregen om de eigen kwaliteitszorg in te richten en de planlast te verminderen. Dit betekent dat bestuur en scholen zelf hun onderwijskwaliteit organiseren met daarbinnen hun ‘eigen aspecten van kwaliteit’.
 

Kwaliteit zonder bureaucratische last

In augustus 2020 mocht ik, bij afwezigheid van de beleidsmedewerker Onderwijs Kwaliteit & Innovatie, het College van Bestuur van Meer Primair een aantal maanden ondersteunen. Onderdeel van mijn opdracht was optimalisatie van de onderwijskwaliteitszorg door meer samenhang te creëren tussen de diverse kwaliteitsinstrumenten, het beperken van de planlast, optimalisatie van de ondersteuning van het bestuursbureau en vermindering van de bureaucratische last.

In samenspraak met het bestuur ontwikkelden we één samenhangend kwaliteitsinstrument voor RvT, CvB, bestuursbureau en directeuren met als uitgangspunt: ‘We schrijven alles – voor zover mogelijk – maar één keer op.’
 

Eén integraal kwaliteitsinstrument

In december 2020 leverden we het instrument ‘Regie op onderwijskwaliteit’ op. Eén instrument waarmee:

  • het bestuur zo goed mogelijk kan besturen,
  • het bestuursbureau optimaal kan faciliteren,
  • schooldirecteuren vooral hun onderwijs kunnen regisseren.

Eén instrument dat de kwaliteitszorg in samenhang vorm geeft, voor alle spelers in de organisatie. Dat de onderwijskundige dialoog weer centraal stelt. Eén instrument dat voldoet aan alle indicatoren van de onderwijsinspectie en zorgt voor werkdrukvermindering tot wel 30%. Eén instrument dat de kwaliteit verhoogt en de bureaucratie vermindert.

Hier heb ik jaren naar uitgekeken” zei één van de directeuren van Meer Primair.

Benieuwd wat het instrument voor uw organisatie kan betekenen? Ik vertel u er graag meer over.

Door: Marcel van der Linden | consultant | marcelvanderlinden@scolix.nl

Delen

 

© ScoliX

Terug naar Blogs